Patroon. Wat strict, zonder een kik te geven, wordt gevolgd in een Brugs breiwerkje. Zonder iets af te dingen op oude ambachten: een patroon is ook een moderne kapitalist. Hoewel "modern" en "kapitalist" zich steeds moeilijker in één en dezelfde adem tot elkaar verhouden.
Wij kennen ondertussen een aantal patroons in vrienden- en familiekring en steeds weer valt op: niets zo functioneel onwetend als een kapitalist. Zelfbewust als heersende klasse, vanzelfsprekend sakkerend op werklozen (het kan volgens de wetten van de natuur niet aan hun systeem liggen).
Dikwijls even bazig en misprijzend - als je ze wat beter leert kennen - tegenover minderheden als tegenover hun eigen werkvolk (verdeel-en-heers). Tenslotte: volledig kortzichtig - op het randje van autistisch - in het benaderen van maatschappelijke problemen (de loonkost is hier de Duivel in het spel). Zet zo'n lijstje op je cv en je wordt nergens aangenomen!
Productie. Iets wat we uiteindelijk toch nodig hebben, alle libretto's en wereldliteratuur ten spijt. Bijna alle productie is vandaag sociale productie. We doen het samen, als loontrekkenden. En daarboven staan de bazen en de bankiers. Zij blazen bellen. Produceren - als ze al produceren - vooral veel lucht. Kunstige lucht om hun systeem van steeds minder voor velen en steeds meer voor weinigen te rechtvaardigen. Zo zit de maatschappelijke piramide in elkaar. En als we hem nu eens met z'n allen omkeren?
Parijse Commune. Heroïsche arbeidersopstand in Parijs, in 1871. Marx sprak in roemende woorden over de Commune. Het was de "politieke vorm die de economische bevrijding van de arbeiders kon aannemen".
Politieke vertegenwoordigers waren verkiesbaar en - wat missen we dit vandaag - permanent afzetbaar door de massa's. Ze staken niet meer dan een gemiddeld arbeidersloon op zak. De politie werd vervangen door het democratisch georganiseerde, gewapende volk ("Kom over naar onze zijde, oom agent - je familie staat hier ook...").
In de geschiedenisboekjes van de burgerij komt men er zelden toe om de politieke inhoud van de Commune aan te duiden. Hier is wellicht meer dan vergeetachtigheid aan de hand. De ideologische speerdragers van de burgerij willen ons inprenten dat arbeidersmacht een utopie is. Dat er altijd meesters en slaven zijn geweest. En zullen bestaan. Dat dit de natuurlijke orde is.
De reële lessen van de geschiedenis opgraven? Het is de grootste misdaad die arbeiders en jongeren kunnen begaan.
Partij. Wat de arbeiders even hard nodig hebben als water, zuurstof en een zonnige vakantie onder wiegende palmbomen. De burgerij heeft met haar clownscircus partijen met een kwade geur opgezadeld. Haar politieke vertegenwoordigers zijn zowaar bevreesd voor hun eigen schaduw. Welke partij voerde er nog geen naamsverandering door en dumpte daarbij niet het naar verluidt te stricte woord "Partij"?
Met de LSP doen we niet mee aan deze poespas voor draaikonten, die hun eigen mening en de tegenovergestelde opinie van een ander ten beste kunnen geven met exact hetzelfde vuur. Zolang de kassa van hun mandaat maar rinkelt. Wij zijn een ouderwetse belangenorganisatie, geen kiesmachine voor tafelspringers.
Zonder actieve inzet kunnen de arbeiders en jongeren nooit hun positie onder dit ongelijke systeem verbeteren. Welkom bij de Partij: stilaan zowat de enige.
Pauper. Een pauper is iemand die niets te verliezen heeft, omdat het kapitalisme hem of haar tot die staat heeft veroordeeld. Een toenemende laag van de bevolking in België is "verpauperd".
23% van de bevolking in ons land viel tussen 1998 en 2003 op een of ander moment onder de categorie "arm". Om in deze burgerlijke statistieken terecht te komen, moet je nochtans flink je best doen. Je staat er van versteld hoeveel de burgerij en haar spreekbuizen eraan gelegen is om busladingen vol niets vermoedende werkers tot de "middenklasse" te rekenen.
Wij zijn geen natie van kruideniers. Het zijn onze vrienden: arbeidersklasse. Werkend of in de werkloosheid gedreven. Blijf eraf met je willekeurige statistieken. Afgesproken?
Populisme. Zeggen wat er in je opkomt, zonder daar op lange termijn de materiële condities voor te creëren. Een beetje als: op café een rondje trakteren, en het vervolgens op een lopen zetten. Zoiets als de burgerlijke grondrechten, dus. Dikwijls ook meer letter dan praktijk.
Je hebt zowel linkse (Chavez, in Venezuela) als rechtse (Dewinter, in de Ekerse villawijken) populisten. In dit laatste geval hebben we het zelfs over misleidend gekostumeerde neofascisten. Populisme komt typisch op wanneer de arbeidersklasse nog geen gepaste, politieke uitdrukking heeft gevonden. In een patstelling tussen de klassen, waarbij er zich een politiek vacuüm opent.
Op de lange termijn is populisme - links of rechts - een vogel voor de kat. Je kan niet eeuwig alle klassen te vriend proberen te houden. Uiteindelijk moet een mens wel kiezen voor een klasse. Zoals met een tandartsbezoek stel je dit best niet tot het laatste moment uit. Een voordeel: als je kiest voor de arbeidersklasse en ze wint, heb je potentieel de meeste vrienden. Dat biedt zeker niet enkel op café een reeks voordelen.
Praxis. Grieks restaurant in de buurt van de Grote Markt in Brussel. Specialiteit: overjaarse kolonels frituren, fris geserveerd met een toefje sla en pikante saus. Tevens: moeilijk woord voor de test van de praktijk.
Met de praxis van Verhofstadt hebben de bazen geen enkel probleem. Zijn regering slaagt met glans in hun test van de winstgevendheid en de sociale afbraak voor de massa van de bevolking. Wie vandaag baas of burgerlijk politicus wil zijn, moet - alle goede voornemens ten spijt - een behoorlijk bewuste bandiet zijn. Hoe organiseer je anders een massa-ontslag (Belgacom, De Post, DHL, NMBS,...)? De tijd van de naïeve bandieten is reeds lang gepasseerd. Zelfs de tekstschrijvers van Bush moeten dat in de gaten hebben.
Doorheen de praktijk zullen de massa's steeds grotere vraagtekens bij het voortbestaan van het kapitalisme plaatsen. De klassenstrijd is een machtige leraar, die interessante puzzels voor onze hersens koppelt aan af en toe een ontspannend vogelnestje. Tussen twee betogingen door. De arbeidersstrijd vraagt een hoge graad van lichaamsbeheersing: ook dit is een politiek vraagstuk. Een gezonde geest in een gezond lichaam. Weer eens helemaal iets anders dan de aandeelhoudersvergadering.
Primitief communisme. Over de holbewoners, onze fiere voorouders, niets dan goeds. Ze hadden niet veel. Vrouwen beschikten nog niet over de geneugten van het maandverband, Cosmopolitan was volledig onbekend. Iedereen was gelijk in zijn of haar berevel. Piekhaar was de mode, maar groeide als vanzelf. Vrouwen werden niet voortdurend op hun uiterlijk getakseerd, zoals vandaag onder het kapitalisme. Wufte maquillage was soms zelfs een mannenzaak: het paradepaardje van de clan.
Vrouwen speelden een belangrijke rol in de productie en waren - zoals bekend - vruchtbaar van kleine holbewoners. Kan je je de primitieve schrik van het wetenschappelijk amper onderbouwde mansvolk voorstellen (een spelonk kende vele verrassingen)?
Ze hadden misschien niet veel - deze jagers en verzamelaars - maar wat ze hadden, deelden ze. Wild, wortels, rauwe vis. Ja, zelfs hun vrouwen/mannen. Klinkt ingewikkeld? Niet noodzakelijk.
Het niveau van de technologie en arbeidsproductiviteit lag zo laag dat niemand zich kon losmaken van de voedselproductie. Heersende klassen die de arbeid van de rest van de bevolking controleerden, waren onbestaande. Zelfstandige kappers eveneens, ondanks al dat piekhaar. De mensheid stelt zich steeds de taken die ze kan oplossen: ook wanneer onze coiffure werkelijk nergens op lijkt.
Prijs. Onder het kapitalisme heeft alles zijn prijs. Soms ook liefde, kinderhandjes, sporthelden, Samson en K3. Het is veralgemeende warenproductie en -ruil. De prijs wordt fundamenteel bepaald door de gemiddelde hoeveelheid arbeid nodig voor de productie van een waar.
"Time is money", onder het kapitalisme. De kapitalisten - profeten van de begrenzing, voor iedereen behalve zichzelf - proberen de prijs van de arbeidskracht zoveel mogelijk te drukken. Tot meerdere eer en glorie van de winstgevendheid en een beestachtige concurrentieslag.
Daarbij belanden er nogal wat medemensen ongenadig op de schroothoop. De mens, gereduceerd tot wegwerpproduct. Ook dat is moderniteit. Voor de arbeidende klasse heeft het kapitaal een nogal hoge prijs. Wanneer een meerderheid dat beseft, en er zich naar organiseert, is het voor het onbeschaafde stelsel van de loonslavernij de hoogste tijd om baan te ruimen voor iets beters. De wereldwijde verstrengeling van een hogere, socialistische productiewijze.
Proletariaat. Wat sommigen, zelfs overdag, niet in groep wensen tegen te komen. Meer mensen maken er deel van uit, dan we op basis van de burgerlijke propaganda zouden geloven.
Volgens sommige bronnen zou het proletariaat er in het donker helemaal eender uitzien, maar dat zeggen deze brilbehoeftige reactionairen ook over negers in het donker (waar zit rechts met zijn gedachten?). Marx stelde dat het proletariaat van een kracht "op zich" een kracht "voor zich" moest worden.
Van Het Laatste Nieuws mogen we deze historische taak niet langer laten afhangen. Keer op keer worden daar zelfs de meest voor de hand liggende doelkansen tegen het kapitalisme met open ogen gemist. De potstampers. Zonder proletariaat zou er nochtans weinig marcheren. Trams, de kustwacht, Telenet, Pepsi Cola, het onderwijs, de Teletubbies,...: zonder proletarische, werkende klasse zou er geen sprake van zijn. De arbeiders hebben enkel hun ketenen te verliezen. De kapitalisten een berg pakken van Versace. Waar de meesten nog lachwekkender mee voor de dag komen dan normaal.
De socialistische revolutie: een win-win situatie voor iedereen.
Polemiek. Methode waarmee linkse socialisten de massa's voorbereiden op wie hun tegenstanders zullen zijn op momenten van openlijke klassenstrijd. Via de polemiek bakenen wetenschappelijke socialisten zich ook af van de zelfbenoemde vrienden van de arbeiders en tonen ze hun beperkingen.
In de polemiek is veel gepermitteerd (aan burgerlijke neuzen en oren trekken, naar beneden wijzen en "let op uw Van Beirendonck-sokken" zeggen). Maar niet alles. In de verbale aanval op figuren worden hele maatschappelijke trends op de korrel genomen.
Een individu is slechts een voorbeeld van de wetmatigheden van een klasse of stratum in de maatschappij. In bijtend zuur gedrenkte polemieken tegen het kapsel van de neoliberale furie Margaret Thatcher - de belichaming van alles wat er fout zit aan de burgerij - zijn een sprekend voorbeeld.
Methodes die de massa's een lagere inschatting geven van hun historische zending en niet collectief werden bediscussieerd - je gevoeg doen op de motorkap van de Mercedes Benz van je favoriete directielid - zijn niet aan te bevelen. Het doel heiligt in deze niet zomaar de middelen.